Dit ter introductie van de eerste van de Mahayana paden: het
Chittamatra
stelsel.
In dit stelsel bepaalt de geest de buitenwereld. Deze visie kennen
we ook in de westerse filosofie. Vaak wordt het anders verwoord: hoe
weet
je dat alles dat buiten je lijkt, niet een product van je eigen
bewustzijn
is? Nog weer anders bekeken is deze filosofie het resultaat van een
veel
voorkomende mystieke ervaring waarin er geen verschil is tussen het
object
dat waargenomen wordt en het subject dat waarneemt. Ook Krishnamurti
heeft
het hierover gehad: De eenheid van de waarnemer en het waargenome
(observer
and the observed). De conclusie die dit stelsel daaruit trekt is dat
het
object dat buiten lijkt te staan, door de geest van binnen is
veroorzaakt.
In extreme vorm is dit volgens de meeste boeddhisten onzin. Op het
eerste
gezicht lijkt het dat ook, maar er zijn in elk geval twee manieren
waarop
je dit uit kunt leggen die ergens op slaan:
Ik meen dat een ieder van ons zich met dit probleem zeer grondig zou
moeten bezighouden, althans gedurende de drie weken dat wij hier zijn.
Het moet voor ons van groot belang zijn om er achter te komen of er ook
maar enigszins een mogelijkheid bestaat om vrij te zijn. Niet slechts
in
woorden, maar door de woord- of taalkundige ontleding heen zouden wij
ons
veel meer in onszelf moeten verdiepen. Zonder deze vrijheid voegen wij
ons als slaven naar iedere vorm van beïnvloeding, elke sociale
dwang
en de talloze eisen waarmee wij steeds geconfronteerd worden.
Allereerst moet je in staat zijn alle gedachten die voortdurend in beweging zijn en die bij je opkomen weg te houden. Je moet die mentale kracht ontwikkelen, die wilskracht die alle gedachten weg zal houden die in je opkomen tijdens concentratie en die je geest wegvoeren van het onderwerp waarop je je concentreert.
In de tweede plaats zullen de gedachten zich altijd richten op het onderwerp waarvan je houdt. Als je geen liefde hebt voor het goddelijk Wezen, voor God, als je dat ideaal niet hebt, dan zal het zeker moeilijk zijn, want het kan niet met het intellect gedaan worden. Degene die alleen zijn intellect gebruikt blijft vragen: ‘Waar zal ik mijn gedachten op richten, op welk onderwerp zal ik me concentreren? Beeld het alsjeblieft voor me uit, en geef aan waar het is.’ Het is de minnaar van God wiens gedachten niet kunnen wegdwalen, behalve altijd meteen naar God.
Vervolgens is zuiverheid van geest noodzakelijk. De geest moet vrij zijn van alle angst en zorgen, en van alle soorten onwaarheid, want dit alles bedekt de geest en houdt hem weg van het beeld van God. Wanneer de geest vol vertrouwen, liefde, zuiverheid en kracht, wordt gericht op het ideaal van God, zal de mens onderwijs ontvangen, inspiratie en advies, rechtstreeks en voor alles waarmee hij wordt geconfronteerd in het leven.
De eenvoudige lering van alle religies gedurende iedere eeuw, de essentie van de hele religie en filosofie is in deze woorden begrepen: Ga voor God staan in eenvoudig geloof en wees als een klein kind voor God. Op dat moment zul je zeggen: ‘Ik weet niets, ik heb niets geleerd, ik ben alleen maar een lege kop die erop wacht gevuld te worden. Ik heb U alleen mijn liefde te geven, en omdat mijn liefde niet genoeg is, vraag ik om meer. Ik heb slechts geloof, en toch is dat onvoldoende; dus vraag ik dat te versterken en te ontwikkelen zodat het sterk genoeg zal zijn om me voor U te houden. Zuiverheid heb ik nodig, maar ik heb het niet, of teminste, als ik het heb, is het alleen Uw essentie die in mijn wezen is, en ik wil deze zo zuiver mogelijk houden. Met deze drie dingen kom ik bij u, als een eenvoudig kind, zonder eigen kennis en ik zet alle twijfels en vragen of wat ook maar tussen ons kan komen, aan de kant.’ Hier is de essentie van religie.
Het is zo eenvoudig dat zelfs een kind het zou kunnen doen, als hij dat zou willen. Hij hoeft niet veel te leren om dit te kunnen doen; als het hem eenmaal is uitgelegd zal hij het begrijpen. We hoeven niet geleerd te zijn of veel intellectuele kennis te hebben om dit te kunnen doen.
Het volgende stadium, voorbij Malakut, brengt ons bij Jabarut, het niveau van bewustzijn waar de ervaring is als van iemand in een diepe, droomloze slaap – van wie gezegd wordt dat hij vast in slaap is. De zegening hier is nog groter. In deze hogere ervaring is het Gods eigen wezen waardoor wij het leven, de vrede en zuiverheid ervaren die in ons zijn. Bovendien, terwijl iemand deze zegen zou kunnen ervaren tijdens de slaap, zal degene die het pad van spirituele ontwikkeling volgt dit ervaren terwijl hij wakker is. Yogis noemen deze staat Sushupti. Deze vreugde om te leven, vrede en zuiverheid ervaart de mysticus met wijdopen ogen, klaarwakker; anderen kunnen het alleen maar aanraken tijdens de diepe slaap.
Een nog verdere ervaring van bewustzijn is Lahut. Dit tilt iemand van het stoffelijke naar het onstoffelijke niveau. Op dit niveau is de toestand van vaste slaap niet nodig. Er is een nog grotere vrede en vreugde en nabijheid bij de essentie die goddelijk genoemd wordt. In Christelijke termen wordt deze toestand communie genoemd. In Vedantische termen wordt het Turiyavastha genoemd en de stap daarna wordt Samadhi genoemd, die zonder twijfel omschreven kan worden als verzinken in God. Met andere woorden: in dit stadium duiken we diep in ons diepste zelf; God is in ons diepste zelf. In deze staat hebben we de mogelijkheid om zo diep te duiken dat we ons diepste wezen raken, dat de verblijfplaats is van alle intelligentie, leven, vrede en vreugde en waar zorgen, angsten, ziekten of dood niet binnenkomen.
Hahut is de ervaring die het doel is van iedere mysticus die het pad van de innerlijke verering volgt. In Vedantische termen wordt dit stadium Manan genoemd; het equivalent in Christelijke terminologie is verzoening.
Uit deze overwegingen kan worden opgemaakt dat het werk van de Soefi
is zich te richten op het veredelen van de ziel. Wanneer we in de Orde
worden ingewijd slaan we het pad in van het veredelen van de ziel – er
is geen wonder-werking, geen communicatie met geesten, geen doen van
wonderen,
geen ontwikkeling van magnetische of psychische krachten, geen
helderziendheid
of helderhorendheid, niets van dat alles. Het enige doel is menselijk
te
worden, een gezond leven te leiden, te proberen de morele
omstandigheden
in ons leven te verbeteren, ons karakter te veredelen, en niet alleen
onze
eigen behoeften te vervullen maar ook die van onze buren en vrienden.
Ons
werk is te proberen die vonk te ontwikkelen die in elke ziel is en die
alleen voldoening vindt in de liefde voor God en in het naderen van
God,
met het doel op een dag een glimp op te vangen van die waarheid die
niet
in woorden kan worden uitgedrukt.
Op het gebied van de neurologie en psychologie komt men tot de conclusie dat Freud toch niet helemaal fout zat. Sterker nog, zijn theorie dat we voornamelijk handelen vanuit onbewuste impulsen wordt door de laatste wetenschappelijke onderzoekingen ondersteund. De nieuwste ontwikkeling is dat men de theorie van Freud gebruikt als een raamwerk om andere (vaak meer neurologische) uitkomsten in te plaatsen. Deze ontwikkeling baant de weg voor therapievormen die medicijnen en praten combineren. Kortom: psychoanalyse is terug in het wetenschappelijke centrum. Hopelijk betekent dit ook dat mildere vormen van praat-therapie, zoals psychotherapie, op den duur weer de erkenning krijgen die ze verdienen.